Kinderyoga, mindfulness, filosoferen met kinderen. Aan het ruime aanbod te zien lijkt het alsof onze aandacht voor stressbestendigheid en het ontwikkelen van mentale weerbaarheid bij kinderen nog nooit zo groot was. Proberen we onze kinderen in jachtige tijden terecht wat evenwicht en rust te bieden? Of jagen we hen en onszelf daarmee juist extra in de stress?

Tekst Hade Wouters – Foto Shutterstock

 

Icone citation

Het lijkt alsof sommige ouders een lesje yoga in het programma van hun kind proppen om bestand te zijn tegen de drukte van de rest van de week

 

Een boswandeling onder vrienden op zondagochtend, ideaal. We kunnen bijpraten, de kinderen kunnen hun energie kwijt tussen de herfstblaadjes en na een paar uur buiten smaakt de pompoensoep nog beter. Ik heb het voorstel amper gemaild, of mijn vriendinnen sturen een voor een terug dat ze niet kunnen. Zondagochtend is namelijk yoga time, dan gaan ze samen met de kinderen naar de kind-ouderyoga. Het aanbod van yogalessen voor kinderen, al dan niet samen met een ouder, schiet als paddenstoelen uit de grond. En het slaat aan. Mijn hippe vriendinnen rollen sinds kort de yogamat uit om met hun kind te rekken, strekken en tot rust te komen. Geïntrigeerd door zoveel zondagochtendijver ga ik op onderzoek uit en woon een toonmoment bij in een yogaschool, waar kinderen van alle formaten zich op een lief rijmpje helemaal uitrekken en vervolgens weer heel klein maken. Ik herken yogahoudingen waar ik me zelf ook aan heb overgegeven in vroegere yogalessen: de berghouding, de kat, de kindhouding en de neerwaartse hond. Heel leuk om te zien. Maar waar komt het idee om yoga te doen met kinderen plots vandaan? En is yoga eigenlijk wel voor kinderen bedoeld?

Leen Demeulenaere lacht wanneer ik haar de vraag voorleg. We zitten op een yogamat in haar yoga- en creacentrum Kreakatau. Daar geeft ze de erkende opleiding tot kinderyogadocent en kwam Nelsons yogaboek tot stand, een doe-het-samen boek met yogaspelletjes voor grote en kleine avonturiers. ‘Yoga is geen trend, het is niet nieuw,’ zegt ze. ‘Na eeuwenlange mondelinge overdracht werden de principes van yoga voor het eerst ongeveer 2 000 jaar geleden opgeschreven, door Patañjali, een Indische filosoof. Het woord yoga gaat terug op het woord “juk”, wat verbinden en balanceren betekent. Het zoeken naar een dagelijks evenwicht via yoga zorgt ervoor dat je meer kan dragen. Lichaam en geest, verstand en gevoel, de aarde en de hemel, binnen en buiten worden met elkaar verbonden en in balans gebracht. Dat is belangrijk voor iedereen, maar zeker ook voor kinderen, voor wie yoga heel natuurlijk aanvoelt.’

 

Fantasie krijgt vrij spel

Psychomotorisch kinesitherapeute Sofie Van Tichelen heeft yoga bewust een plaats gegeven in haar multidisciplinaire groepspraktijk De Parachute, en benadrukt dat yoga bijdraagt aan de psychomotorische ontwikkeling maar ook aan het welbevinden van kinderen. Dat weet ze uit wetenschappelijke literatuur waarin het effect van aanraken op hechting is beschreven, net als de positieve effecten van yoga op gezondheid, sociale gedragingen en lichaamsbesef. Maar Van Tichelen spreekt vooral uit ervaring. ‘Zelf heb ik besloten om yoga te gaan doen omdat ik op een vaak te perfectionistische manier mijn werk – in de praktijk en op een school voor buitengewoon onderwijs – combineer met het ouderschap. Dat betekent weinig vrije tijd en een hoge werkdruk. Je blijft constant zoeken naar een evenwicht. Ik weet als kinesitherapeute heel goed dat het belangrijk is om fysiek actief te blijven. Uiteraard zou ik kunnen gaan lopen, maar ik heb bewust gekozen voor yoga. Het is niet uitputtend, ik kan er energie uit halen en het geeft rust in mijn hoofd. Ideaal om in evenwicht te blijven.’

Ze realiseerde zich dat de combinatie van energie die vrijkomt enerzijds en mentaal en fysiek juist tot rust kunnen komen anderzijds ook belangrijk is voor kinderen. Er volgde kinder-ouder yogales met haar eigen kinderen en een opleiding tot kinderyogadocent. Dat bleek de missing link te zijn in haar eigen praktijk, waar ze ontwikkeling stimulerend en remediërend met kinderen werkt. ‘Er wordt altijd ergens naartoe gewerkt met een kind, wat neerkomt op prestatiegericht werken. Maar voor kinderen die in de knoop zitten, die moeilijk contact maken, die goed beseffen dat ze anders zijn of met moeilijkheden kampen en daarom therapie volgen, is yoga een verademing’, merkt Van Tichelen op. ‘Kinderen ervaren het als een leuke activiteit. De focus ligt niet meer op de problemen, terwijl het secundair wel een positief effect heeft op het functioneren van het kind.’

Ze onderscheidt kinderen met een internaliserende problematiek en kinderen met een externaliserende problematiek. Kinderen met een internaliserende problematiek hebben de neiging om zich terug te trekken, innerlijke onrust te ervaren. Soms zijn ze angstig, depressief of hebben ze psychosomatische klachten. Kinderen met een externaliserende problematiek hebben weinig controle over hoe ze emoties uiten, gaan vaak in conflict, kunnen agressief, overactief en ongehoorzaam zijn. Voor de eerste groep kan yoga rust en verbinding brengen doordat de focus ligt op prestatieloos bewegen en samen zijn. Voor de tweede groep kan het meer rust, discipline en focus genereren. ‘Naast de groep kinderen met een specifieke problematiek, is yoga eigenlijk aan te raden voor alle kinderen, van peuter tot adolescent. Je leert er in contact te komen met je innerlijke “ik”, je komt even los van je drukke leventje en beleeft vooral veel plezier in groep’, concludeert ze.

Een yogales voor kinderen ziet er overigens heel anders uit dan een yogales voor volwassenen, die bestaat uit het samen beoefenen van yogahoudingen met aandacht voor ademen en ontspanning. In een les kinderyoga komen verhalen en thema’s aan bod. Er wordt sterk ingespeeld op fantasie, verbeelding, speelsheid en creativiteit. ‘De energie van kinderen krijgt ruimte. We gebruiken yogaverhaaltjes en -rijmpjes,’ vertelt Leen Demeulenaere, ‘maar ook open momenten zijn belangrijk. Niet alles vastleggen. We corrigeren bijvoorbeeld niet als een kind niet precies in een bepaalde houding gaat liggen of zitten. Alleen als hij iets doet wat niet goed is voor zijn ruggengraat grijpen we in.’

Icone citation

Toen gevraagd werd om hun droomschool te tekenen, tekende een kind op de drie een plek waar ze konden rusten in het gebouw, een plek waar niks moet.

 

Zen of extra stress?

Ook Leen Demeulenaere geeft aan dat yoga een persoonlijke weg is. ‘Het moet klikken tussen het kind en de yoga, en het kind en de yogadocent. We raden altijd aan om kinderen eerst van yoga te laten proeven, bijvoorbeeld door deel te nemen aan een yogakampje, voor de beslissing genomen wordt dat het kind een volledig jaar aan yoga gaat doen. Meestal merken we echter dat kinderyoga al in het kind zit en dat kinderen heel goed voelen wat ze fysiek nodig hebben. Het is hen meestal op het lijfje geschreven.’ Sofie Van Tichelen formuleert de voorwaarde dat ouders en kinderen die instappen in haar kinder-ouderyoga er echt voor openstaan en dat de ouder in de mogelijkheid is om het kind te tillen, omdat het niet enkel om ontspannen gaat en het vinden van een rustpunt – ook elementen van circomotoriek komen aan bod. Het overstijgen van de gerichtheid op rust en ontspanning via yoga ziet Leen ook in specifieke gevallen: ‘Ik zie vaak ouders die met een adoptie- of pleegkindje aan yoga komen doen. Voor hen biedt yoga diepe oplossingen in hechting en verbondenheid. In de verbale samenleving is het samen opnemen van een fysieke activiteit daarbij erg belangrijk om op een ander niveau contact te maken.’

Allemaal mooi, maar als ik met mijn vriendinnen praat, hoor ik wel eens dat de zen van de ene, de stress van de andere wordt. Op zondagochtend uit bed om naar de yogales te gaan, in plaats van wat huishoudelijk werk van de week in te halen en de krant te lezen met een kop koffie … Het is maar wat je ontstressen noemt. Of – in mijn persoonlijke geval – ’s middags om drie uur de computer afsluiten om helemaal opgejaagd naar de yogavoorstelling van de jongste te gaan. Soms lijkt het wel alsof we verantwoorde activiteiten aan elkaar rijgen zonder ruimte ertussen te laten om kinderen in het bos te laten spelen, zich gewoon te laten vervelen of zich zelf te laten bezig houden met een spelletje, een tekening. Dat is de keerzijde van het aanbod dat ontstaat om kinderen voor te bereiden op een andere manier van denken, zijn, leven en in de wereld staan.

Ook niet-oké is oké

Kinderen meer basis geven en hen stress helpen bestrijden kan uiteraard niet alleen via yoga, maar gebeurt ook door mindfulness of filosoferen met kinderen. ‘Mindfulness leert kinderen om nieuwsgierigheid en vriendelijke, niet-oordelende opmerkzaamheid te oefenen,’ zegt Miep Van der Haegen, mindfulness kindertrainer aan het instituut I AM in Heusden en auteur van het boek Ik ben OK, waarin mindfulnesstips voor kleine en grote mensen verbonden worden aan verhalen. ‘Kinderen oefenen zo in het schenken van meer aandacht aan hun gedachten, gevoelens en emoties en wat dat met hun lichaam doet. Het brengt hun piekergedachten tot rust en ze leren hun emoties en gedachten beter te begrijpen en te aanvaarden, met mildheid en rust tot gevolg – voor zichzelf en de anderen.’ Het positieve effect van mindfulness is wetenschappelijk aangetoond: depressieve gedachten verminderen meetbaar en stressbestendigheid neemt toe. Van der Haegen legt het verband met de Rodeneuzendagactie, voor jongeren met psychische problemen. ‘Jongeren hebben ogenschijnlijk nog nooit zo veel gedeeld als vandaag, maar het lijkt moeilijk te delen wat ze écht voelen.’ Als leerkracht en mindfulnesstrainer merkt ze dat kinderen erg veel bagage vanuit hun verleden kunnen meedragen of gestimuleerd worden om heel toekomstgericht te denken, bijvoorbeeld in de vraag wat ze later willen worden. ‘Door de oefeningen af te stemmen op hun leeftijd reiken we jongeren, die midden in de zoektocht naar hun identiteit zitten, handvatten aan die binnen hun leefwereld bruikbaar zijn. Daarbij worden ze uitgenodigd om te durven benoemen wat ze voelen en ervaren. Dat draagt bij tot het ontwikkelen van communicatieve vaardigheden, wat alleen maar bevorderlijk kan zijn voor een natuurlijke vorm van ethisch en sociaal gedrag, waardoor de kans groter is dat ze zich echt verbinden met anderen.’

Het is oké, ook al is de situatie niet zo oké … is een belangrijke filosofie van Miep Van der Haegen. ‘Het is oké als kinderen boos, verdrietig of angstig zijn op een bepaald moment. Het niet-oké zijn van een situatie kan je accepteren zonder je erin te verliezen. De boodschap is dan dat je niet de boosheid zelf mag worden. Je kan je gevoelens herkennen, benoemen en kenbaar maken aan anderen. Daardoor ontstaat rust waarin je met een meer bewuste vrijheid kan kiezen voor een oplossing en voor het loslaten van de gevoelens op een gepast moment. Dat vraagt moed, maar daar kan je aan werken.’

Filosoferen met kinderen

Ook filosoferen kan toegevoegd worden aan het rijtje manieren waarop we inzetten op het mentaal krachtiger helpen maken van kinderen. ‘Filosoferen met kinderen gaat over hen autonoom laten nadenken. Daarbij verwoorden ze hun gedachten nauwkeurig vanuit een onderzoekende, verwonderende houding, vertrekkend vanuit een filosofische vraagstelling en loskomend van aannames en vooroordelen. Daarbij leren kinderen actief luisteren naar wat de ander zegt en daarop ingaan,’ duidt Lies Pycke, docente in de opleiding filosoferen met kinderen. Verschillende vaardigheden, competenties en attitudes op korte en lange termijn worden zo getraind, waaronder omgaan met diversiteit, kritisch denken, actief luisteren en leren argumenteren. De uitnodiging om een onderzoekende en verwonderende houding aan te nemen helpt kinderen om hun persoonlijkheid te ontwikkelen. In tegenstelling tot yoga en mindfulness voor kinderen lijkt filosoferen nog geen trend te zijn. ‘Dat is jammer’, vindt Lies. ‘Wat je ontwikkelt door te filosoferen is meestal pas zichtbaar op langere termijn en als je dat structureel doet. Dat past niet in de cultuur van afvinklijstjes die vaak op scholen heerst, terwijl inzetten op bildung van kinderen en jongeren en hen aanleren om respectvol om te gaan met en in te spelen op diversiteit erg belangrijk zijn voor hun functioneren binnen de maatschappij.’ Wat me opvalt aan de verschillende benaderingen is dat het niet gaat om talentontwikkeling van een kind, maar dat het ondersteund wordt in de ontwikkeling om goed met zichzelf – en daardoor ook met anderen – om te gaan. Bovendien zetten de verschillende benaderingen in op verbinding. Op die manier wordt indirect aan een sociaal en zelfs maatschappelijk belang gewerkt. Dat klinkt erg groot en ambitieus. Jammer dat het mijn zondagochtendrust moet verpesten. Alhoewel. Ik sla het yogaboek open dat ik meenam uit het centrum van Leen. Mijn zonen komen nieuwsgierig over mijn schouder kijken. Voor ik het weet zijn we samen drakenkoppen aan het afhakken en lopen we als krabben door het huis. De gebruikelijke drukte en ruzies zijn verdwenen als sneeuw voor de zon. Instanteffect, ik sta versteld.

Kinderyoga in de praktijk

Een yogales voor kinderen ziet er heel anders uit dan een yogales voor volwassenen, die bestaat uit het samen beoefenen van yogahoudingen met aandacht voor ademen en ontspanning. In een les kinderyoga komen verhalen en thema’s aan bod. Er wordt sterk ingespeeld op fantasie, verbeelding, speelsheid en creativiteit. ‘De energie van kinderen krijgt ruimte. We gebruiken yogaverhaaltjes en -rijmpjes,’ vertelt kinderyogadocente Leen Demeulenaere, ‘maar ook open momenten zijn belangrijk. Niet alles vastleggen. We corrigeren bijvoorbeeld niet als een kind niet precies in een bepaalde houding gaat liggen of zitten. Alleen als hij iets doet wat niet goed is voor zijn ruggengraat grijpen we in.’ Dat yoga ook uitermate geschikt is voor meer kwetsbare kinderen, weet Demeulenaere uit haar ervaring van aan yoga te doen met kinderen uit de bijzondere jeugdzorg, in een project dat erkend werd als Vernieuwend Project door de Dienst Welzijn en Gezondheid van de Provincie Vlaams-Brabant. Maar yoga is geschikt voor alle kinderen, los van leeftijd, lichaam of welke andere beperking ook, en ook overal te beoefenen: thuis, in de klas – en uiteraard in de yogazaal.

Meer lezen

• Met Nelsons yogaboek haal je een doe-het-samen boek met 24 yogaspelletjes voor kleine en grote avonturiers in huis. (Davidsfonds, 2015)
Ik ben OK – Voorleesverhalen met mindfulnesstips, Miep Van der Haegen & Jan Vroman (Lannoo, 2014)

Meer info

• yoga met kinderen of voor ouders en kinderen: www.kreakatau.be, www.praktijkdeparachute.be
• mindfulness voor kinderen: www.ikbenok.be
• filosoferen met kinderen: www.filosoferen.eu (VEFO – Vlaams eigentijds filosofie onderwijs), www.isvw.nl (Internationale School Voor Wijsbegeerte)